Javascript must be enabled for the correct page display

Een systematische literatuurreview: Robotica in de behandeling van kinderen met ontwikkelingsstoornissen.

Leersum, Merel, van (2026) Een systematische literatuurreview: Robotica in de behandeling van kinderen met ontwikkelingsstoornissen. Master thesis, Pedagogical and Educational Sciences.

[img] Text
Masterthesis-M-van-Leersum-s1484095-06-01-2025.pdf
Restricted to Repository staff only

Download (994kB)

Abstract

Achtergrond: Ontwikkelingsstoornissen, waaronder autismespectrumstoornissen (ASS) en taalontwikkelingsstoornissen (TOS), treffen een aanzienlijk deel van de kinderpopulatie en hebben ingrijpende gevolgen voor communicatie, sociale interactie en schoolprestaties. Hoewel traditionele logopedie effectief is gebleken, groeit de interesse in robotica als innovatief therapeutisch hulpmiddel. Doel: Deze systematische literatuurreview onderzocht op welke manier robotica wordt ingezet in de behandeling van kinderen met ontwikkelingsstoornissen en wat de invloed hiervan is op behandelmethoden, effectiviteit en motivatie. Methode: Een PRISMA-conforme zoekstrategie in vijf databases (Psychology and Behavioral Sciences Collection, PsycINFO, ERIC, Scopus, Web of Science) leverde 196 initiële resultaten op, waarvan 20 studies werden geïncludeerd (inclusiepercentage 10%). De methodologische kwaliteit werd beoordeeld met de MMAT (versie 2018). Wegens het ontbreken van gevalideerde meetinstrumenten voor engagement werden proxy-indicatoren geïdentificeerd via inductieve thematische analyse (interbeoordelaarsbetrouwbaarheid 68%). Discrepanties tussen beoordelaars zijn besproken tot consensus werd bereikt, waarbij de context van de oorspronkelijke studies opnieuw is geraadpleegd. Resultaten: Sociale robots domineren de interventies (88%), met de NAO-robot als meest toegepaste humanoïde variant (40%). De belangrijkste toepassingen betreffen joint-attention-training (29%), sociale interactie (35%) en Wizard-of-Oz-protocollen (10%). Gedragsmatige proxy-indicatoren suggereren verhoogde betrokkenheid in 85% van de studies (17/20), voornamelijk via oogcontact, joint attention en vocalisaties. ASS-specifieke studies domineren (90%), terwijl TOS-specifiek onderzoek ondervertegenwoordigd blijft (10%). Cognitieve training (4%) wordt nauwelijks toegepast. Conclusie: Robotica biedt veelbelovende mogelijkheden voor het verhogen van engagement bij kinderen met ontwikkelingsstoornissen, hoewel effecten voornamelijk via proxy-indicatoren werden vastgesteld. Vervolgonderzoek dient zich te richten op TOS-specifieke interventies, langetermijn follow-up en gevalideerde meetinstrumenten voor motivatie en betrokkenheid.

Item Type: Thesis (Master)
Supervisor name: Steen, S. van der
Degree programme: Pedagogical and Educational Sciences
Differentiation route: Orthopedagogiek [Master Pedagogical and Educational Sciences]
Date Deposited: 13 Feb 2026 14:05
Last Modified: 13 Feb 2026 14:05
URI: http://gmwpublic.studenttheses.ub.rug.nl/id/eprint/6183

Actions (login required)

View Item View Item